Meer lokale fondsenwerving is nodig bij hulporganisaties met oog op stijging hulpvragen voor armoede

Meer lokale fondsenwerving is nodig bij hulporganisaties met oog op stijging hulpvragen voor armoede

Meer lokale fondsenwerving is nodig bij hulporganisaties met oog op stijging hulpvragen voor armoede

Uit onderzoek van Stichting Armoedefonds blijkt dat 42% van de lokale hulporganisaties te maken heeft met een stijging van het aantal hulpvragen. Tegelijkertijd ervaart 21% een daling van hulpvragen. Uit eerder onderzoek van het Armoedefonds bleek al dat de signaleringsfunctie hapert. Opvallend is daarnaast dat een ruim deel van de organisaties verder op haar reserves inteert. Dat komt naar voren in een landelijk onderzoek van Stichting Armoedefonds naar armoedebestrijding onder circa 1.000 lokale armoedebestrijdingsorganisaties dat periodiek wordt uitgevoerd.

Het Armoedefonds ziet dat een deel van de lokale hulporganisaties financieel kwetsbaar is, doordat men nu al een tijd inteert op haar vermogen. “We zien een enorme focus van hulporganisaties op hun primaire taak; het daadwerkelijk helpen van mensen. Maar om dit structureel te kunnen blijven doen, is financiele versterking en dus fondsenwerving noodzakelijk”, aldus Irene Verspeek van het Armoedefonds. Bij twee derde van de organisaties ontbreekt het ook nog aan vrijwilligers die de capaciteit en tijd hebben om zich in te zetten voor lokale fondsenwerving.

Tegelijkertijd ziet het Armoedefonds de groep mensen die financieel kwetsbaar is groter worden. De afgelopen periode kon men vaak nog terugvallen op reserves of overheidssteun. Eén van de lokale initiatieven die al langere tijd te maken heeft met een stijging van hulpvragen is Stichting Veul Dich Good uit Zuid-Limburg. “Wekelijks krijgen we 10 tot 15 nieuwe cliënten momenteel, hetzij voor voedselhulp, hulp uit het Noodfonds of anders”, aldus Anton Vegers van de Limburgse stichting. Hij zag het afgelopen half jaar het aantal clienten stijgen van 1.250 naar 1.750 mensen. “Het zijn vaak schrijnende situaties waarbij het water mensen tot aan de lippen staat.”

Voor het onderzoek zijn de afgelopen weken enquêtes verstuurd naar circa 1.000 lokale hulporganisaties die de armoede in Nederland bestrijden. Daarvan hebben 307 organisaties gereageerd. Deze organisaties, opgenomen in het landelijke register van www.hulpbijarmoede.nl, zijn verschillend in grootte, bieden allerlei soorten hulp aan en zijn geografisch verspreid over Nederland.

 

Volg Armoedefonds op social media

Menstruatie-armoede: Al meer dan 230 MUP’s in Nederland; aantal aanvragen afgelopen maanden verdubbeld

Menstruatie-armoede: Al meer dan 230 MUP’s in Nederland; aantal aanvragen afgelopen maanden verdubbeld

Menstruatie-armoede: Al meer dan 230 MUP’s in Nederland; aantal aanvragen afgelopen maanden verdubbeld

Menstruatie-armoede: Al meer dan 230 MUP’s in Nederland; aantal aanvragen afgelopen maanden verdubbeld

Stichting Armoedefonds wordt de laatste weken overstelpt door aanvragen van hulporganisaties om uitgiftepunt van gratis menstruatieproducten (MUP) te worden. Via de MUP’s worden menstruatieproducten verstrekt aan jonge meiden en vrouwen die in armoede leven. Vandaag, op Wereldarmoededag vraagt het Armoedefonds aandacht voor menstruatie-armoede in Nederland. “Hygiëneproducten zijn geen luxe, maar moeten voor iedereen beschikbaar zijn.”

Het Armoedefonds zet alle zeilen bij. In korte tijd heeft zij 236 MUP’s gerealiseerd, waarmee bijna 20.000 jonge meiden en vrouwen structureel worden ondersteund. Door de enorme stijging van het aantal aanmeldingen in de laatste weken, heeft het Armoedefonds nu wat meer tijd nodig. “Waar we voorheen een nieuwe MUP binnen 1 a 1,5 week een eerste doos producten konden toesturen, moeten we nu even pas op de plaats maken”, vertelt Irene Verspeek van het Armoedefonds. “Steeds meer organisaties zien hoe belangrijk het is dat iedere vrouw die ongesteld wordt, kan beschikken over menstruatieproducten.” Via de uitgiftepunten worden maandverband en tampons, maar ook wasbaar en biologisch maandverband en cups verstrekt.

Eén van de MUP’s is Stichting Buurthulp in Amsterdam-Noord. Esmeralda Jongmans kent de schrijnende voorbeelden vanuit haar directe omgeving. “Ik hoor over meiden die soms wel twee dagen met één verbandje rondlopen”, aldus Esmeralda Jongmans van Stichting Buurthulp. De stichting merkt dat mensen steeds vaker in de knel komen en hierdoor bezuinigen op hygiëne. Ze is bang dat dit met de stijging van de energieprijzen de komende tijd nog meer zal gebeuren. “De mensen die ik help, zijn nu al angstig wat er de komende maanden gaat gebeuren.”

Steeds meer mensen komen in actie!
Het Armoedefonds kan het niet alleen. De stichting is blij dat steeds meer mensen, bedrijven en organisaties in actie komen om hygiëneproducten in te zamelen. Bijna dagelijks ontvangt het Armoedefonds pakketten en pakketjes menstruatieproducten. Ook andere hygiëne-en verzorgingsproducten kan het Armoedefonds goed gebruiken. “Wij zitten te springen om incontinentiemateriaal, luiers, deodorant, tandpasta en tandenborstels”, aldus Irene Verspeek. Onlangs mocht de stichting een grote donatie maandverband van Young Soroptimists uit Amsterdam in ontvangst nemen. Eveline Verbeek van de Young Soroptimists Amsterdam: “ Wanneer mensen geen geld meer hebben om dit soort hygiënische producten te kopen, dan zijn ze wel heel arm.”

Mensen die ook willen meehelpen, kunnen producten opsturen naar het Armoedefonds via volgend adres:
Stichting Armoedefonds
Antwoordnummer 10075
5240 VB Rosmalen.
 

Natuurlijk kun je ook een lokale MUP ondersteunen met producten.

 

Volg Armoedefonds op social media

Armoedefonds helpt nóg meer kinderen door extra donaties: 13.562 kinderen ontvangen Schoolspullenpas!

Armoedefonds helpt nóg meer kinderen door extra donaties: 13.562 kinderen ontvangen Schoolspullenpas!

Armoedefonds helpt nóg meer kinderen door extra donaties: 13.562 kinderen ontvangen Schoolspullenpas!

Het Armoedefonds heeft deze zomer 13.562 kinderen geholpen om een goede start te maken op de middelbare school. Zij kregen een schoolspullenpas ter waarde van 50 euro. Maar liefst 178 lokale hulporganisaties namen deel aan de schoolspullenactie van het Armoedefonds. Dit werd mede mogelijk gemaakt door de inzet van vele lokale vrijwilligers die hielpen bij het uitdelen van de passen. 

Onze dank gaat uit naar de donateurs van Stichting Armoedefonds, particuliere actievoerders, bedrijven en vermogensfondsen die met een gift een bijdrage leveren. Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door: Mooi zo Goed zo, Richemont Benelux & Nordics, Stichting Steunfonds, Fonds 1818, Stichting Zonnige Jeugd, Stichting Bladt Charity, Stichting Buitenkans, Burgerweeshuis Harderwijk, Fundatie van den Santheuvel Sobbe, Toon Ebben/Olga Verrijn Stuart Stichting, Stichting de Groot Fonds, Bob Verheeke Fonds, Stichting Tiny en Anny Van Doorne Fonds, Van Ravesteyn Fonds, Fiqas Software B.V., Ars Donandi, Thinkwise Foundation, Van den Broek Lohman Fonds, Stichting Maria Emalia Dorrepaal, 3i, Stichting Pieter Arie van der Kooijfonds, Stichting VRAW, Kind en Dier (KEND), RDO Balije van Utrecht, Mr. August Fentener van Vlissingen Fonds, Stichting Dorodarte, Stichting Elise Mathilde Fonds, Stichting de Lichtboei, WM de Hoop stichting, Stichting den Brinker, Flow Traders Foundation, Coovels Smits, PPG, Stichting Aelwijn Florisz en Auxilium & Caritas Foundation.

Volg Armoedefonds op social media

Persbericht FNV: Menstruatie armoede moet vast onderdeel van lokaal armoedebeleid zijn

Persbericht FNV: Menstruatie armoede moet vast onderdeel van lokaal armoedebeleid zijn

Persbericht FNV: Menstruatie armoede moet vast onderdeel van lokaal armoedebeleid zijn

De FNV roept, samen met negen andere organisaties, gemeenten op om menstruatiearmoede vast onderdeel te maken van het lokale armoedebeleid. Vandaag is hiervoor het manifest menstruatie armoede ondertekend. Een op de tien vrouwen en meisjes kan zich geen menstruatiemiddelen veroorloven.

Kitty Jong, dagelijks bestuur FNV: ‘Als je kijkt naar wie er in Nederland in armoede leven, treft dat met name vrouwen en meisjes. Armoede in een welvarend land als Nederland mag überhaupt niet voorkomen, maar dat één op de tien vrouwen en meisjes als gevolg daarvan onwenselijke keuzes moeten maken als het gaat om hun persoonlijke hygiëne is onacceptabel.’

Taboe
Zowel bij de vrouwen en meisjes zelf als bij de hulpverlenende instanties heerst er een taboe om menstruatie en menstruatiearmoede te bespreken. Dat leidt ertoe dat deze vrouwen en meisjes maaltijden overslaan omdat ze anders geen geld hebben om tampons en maandverband te kopen. Jong: ‘We zien ook dat als er gewoon geen geld is dat ze wegblijven van school of zich ziek melden op hun werk. Het taboe moet eraf en menstruatiearmoede moet een vast onderdeel worden in het lokale armoedebeleid.’

Handjevol gemeenten
Eind juni besloot gemeente Rotterdam dat meisjes uit een gezin met een laag inkomen met geld van de gemeente (Rotterdampas) maandverband, tampons en inlegkruisjes kunnen kopen. Jong: ‘We zijn blij dat er steeds meer steden hierin stappen zetten, maar we zijn er nog lang niet. Het is slechts een handjevol gemeenten die deze vorm van armoede erkent en er ook wat aan wil doen. De lokale politiek is hier echt aan zet, zij zijn verantwoordelijk voor het lokale armoedebeleid.’

Manifest
In het manifest roepen de ondertekenaars de politieke partijen in de gemeente op menstruatiearmoede bespreekbaar te maken, te zorgen voor laagdrempelige uitgiftepunten van gratis menstruatiemiddelen en voldoende schone en veilige openbare toiletvoorzieningen voor vrouwen en meisjes.

Partijen
Het manifest is opgesteld en ondertekend door Stichting Armoedefonds, ATD Vierde Wereld, De Bovengrondse, Valente, Nationaal Fonds Kinderhulp, Alliantie Kinderarmoede, SUN Nederland, Women INC, Simavi en de FNV.

 

Link naar Manifest menstruatie-armoede

Volg Armoedefonds op social media

Armoedefonds: “Minder probleemsituaties kunnen signaleren door coronamaatregelen”

Armoedefonds: “Minder probleemsituaties kunnen signaleren door coronamaatregelen”

Armoedefonds: “Minder probleemsituaties kunnen signaleren door coronamaatregelen”

Bijna een kwart van de lokale hulporganisaties heeft door de coronamaatregelen de afgelopen tijd minder hulp kunnen bieden dan eigenlijk nodig was. Door de lange duur van de coronamaatregelen is aan personen niet de hulp geboden, die nodig was. Het gaat daarbij zowel om bestaande als nieuwe cliënten. Dat blijkt uit een landelijk onderzoek van Stichting Armoedefonds naar armoedebestrijding onder ruim 1.100 lokale armoedebestrijdingsorganisaties dat periodiek wordt uitgevoerd.

In de praktijk werden er tijdens de lockdown veel minder huisbezoeken afgelegd. Hulp-vragen werden digitaal of telefonisch behandeld. Hierdoor zijn problemen bij bestaande en nieuwe cliënten uit beeld gebleven bij de lokale hulporganisaties. De gevolgen zijn voor de hulpbehoevenden vaak ingrijpend. Saskia van de Graaff, van Leger des Heils Tholen moest tijdens de coronacrisis twee keer langere tijd de deuren van de kringloopwinkel sluiten: “Voor de coronacrisis hadden we meer dan 40.000 bezoekers per jaar. Daar zitten mensen bij die vrijwel dagelijks komen, voor wie deze plek van ontmoeting erg belangrijk is. Dat lag vorig jaar ineens stil toen de winkel dicht moest, zowel in het voorjaar als eind december tot maart. De problemen bij de doelgroep nemen dan direct toe: meer last van eenzaamheid en stress, psychische problemen, verslaving.”

Een groot deel van de hulporganisaties (39%) constateert een stijging van hulpvragen, terwijl er ook een deel is wat moeite heeft om de hulpvragen in beeld te krijgen. Deze organisaties merken dat het aantal hulpvragen daalt, maar verwachten wel een toename in de nabije toekomst. Om te zorgen dat de hulpbehoevenden worden bereikt, is het noodzakelijk dat activiteiten en huisbezoeken worden opgeschaald. “We hebben eerder gezien dat armoede stijgt, in de nasleep van een crisis. Om tijdig hulp te kunnen bieden, moeten hulporganisaties en overheden extra inspanningen leveren, om hulpbehoevenden op tijd in beeld te krijgen”, aldus Irene Verspeek van het Armoedefonds. Het OESO (Organisatie voor Europese Samenwerking en Ontwikkeling), verwacht dat de werkloosheid in Nederland zal pieken in de tweede helft van 2021.[1]

Een positieve trend die uit het onderzoek naar voren komt is de flexibiliteit en creativiteit van het merendeel van de organisaties. Stefan Janssen, van Quiet Tilburg: “De wekelijkse inloop, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten is een tijd niet doorgegaan vanwege de lockdown. We hebben in die periode wel wat activiteiten buiten kunnen doen, zoals wandelgroepen. We hebben daarnaast meer producten bij mensen thuis gebracht.”

Voor het onderzoek zijn de afgelopen weken enquêtes verstuurd naar 1.180 lokale hulporganisaties die de armoede in Nederland bestrijden. Daarvan hebben 327 organisaties gereageerd. Deze organisaties, opgenomen in het landelijke register van www.hulpbijarmoede.nl, zijn verschillend in grootte, bieden allerlei soorten hulp aan en zijn geografisch verspreid over Nederland.

[1] Bron: OECD Economic Outlook, Volume 2021 Issue 1

Volg Armoedefonds op social media

Meer armoede in Nederland, maar signalering hapert

Meer armoede in Nederland, maar signalering hapert

Meer armoede in Nederland, maar signalering hapert

Uit onderzoek van Stichting Armoedefonds blijkt er meer mensen financiële zorgen ervaren. Echter 16% van de armoedebestrijders ziet een daling in de vraag naar hulp. Door de coronamaatregelen hapert bij veel organisaties de signaleringsfunctie, bijvoorbeeld doordat er vrijwel geen huisbezoeken plaatsvinden. Dat komt naar voren in een landelijk onderzoek van Stichting Armoedefonds naar armoedebestrijding onder ruim 1.000 lokale armoedebestrijdings organisaties dat periodiek wordt uitgevoerd.

De gevolgen van de corona op de ontwikkeling van de hulp bij armoede worden hiermee zichtbaar. Lokale hulporganisaties merken dat ze door het digitale en telefonische contact met hulpbehoevenden minder problemen signaleren. “Wat we heel erg jammer vinden, is dat we geen huisbezoeken meer doen. We missen een signaleringsfunctie,” geeft Marian Eijkemans van Leergeld Nijmegen aan. Hulpverleners die op huisbezoek gaan zien en horen veel. Bij veel overheidsinstanties wordt vanuit huis gewerkt, waardoor er minder hulpbehoevenden worden doorverwezen naar lokale armoedebestrijders.

Het Armoedefonds adviseert huisbezoeken door hulporganisaties, maar ook door overheidsinstanties, binnen de geldende richtlijnen zoveel als mogelijk doorgang te laten vinden, zodat problemen tijdig worden opgepakt.

Het is verder opvallend dat het aantal hulpvragen bij een deel van de organisaties met gemiddeld 26% daalt. Het aantal banen is volgens het UWV tussen februari en juli met 125.000 afgenomen. De Nederlandse Schuldhulproute (NSR) constateerde deze zomer dat ruim 1 op de 5 huishoudens moeite had om haar rekeningen te betalen, in sommige grote steden zelf 1 op de 3. Organisaties kunnen blijkbaar niet altijd de hulp bieden die noodzakelijk is. “Je ziet een trend die zich ook voordoet in de zorgsector: de hoogste nood wordt opgevangen, andere hulpvragen worden uitgesteld. Armoedebestrijders zien dit ook gebeuren. Organisaties die mensen helpen met schulden krijgen sinds de start van de coronacrisis minder hulpvragen dan voor die tijd, terwijl het aantal probleemgevallen toeneemt,” aldus Irene Verspeek van het Armoedefonds.

Overigens zijn er ook positieve signalen. Doordat het thema armoede in Nederland actueel is, ziet een deel van de organisaties dat nieuwe vrijwilligers zich melden en mensen vrijgevig zijn. “Door de coronacrisis hielden we van onze 30 vrijwilligers er tijdens de eerste golf 4 over. We hebben nieuwe vrijwilligers kunnen aantrekken, en werken nu met een club van 20 actieve mensen,” aldus Jan Tielemans van Voedselbank Aalst-Waalre.

Voor het onderzoek zijn de afgelopen weken enquêtes verstuurd naar 1.056 lokale hulporganisaties die de armoede in Nederland bestrijden. Daarvan hebben 362 organisaties gereageerd. Deze organisaties, opgenomen in het landelijke register van www.hulpbijarmoede.nl, zijn verschillend in grootte, bieden allerlei soorten hulp aan en zijn geografisch verspreid over Nederland.

Volg Armoedefonds op social media